Hoofdtekst
We hadden thuis een meisken, mijn zuster en de die was ook betoverd door Amelieken. En mijn vader ging om de paster om d’heilige olie tegeven en ze beet ernaar. Den onderpaster kwam haar dan d’heilige olie geven en den dien mocht zé, zei hij, ’t is te ver gekomen, ze zal binnen de negen dagen sterven.” En alle nachsten ten twaalf uren haaldegen ze huilen op en naar den twaalven bleef ze stille en ’t was gedaan; en de negesten dag haaldegen ze ne lach op en z’hield op van lachen en ze was dood!
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een man ging naar de pastoor omdat zijn dochter door een toveres was betoverd. De pastoor kwam het meisje zalven, maar het kind beet naar hem. Daarna kwam de onderpastoor, die er wel in slaagde het kind te zalven, maar daarna zei: “Het is al te ver gekomen. Het kind zal binnen negen dagen sterven”. Om middernacht begon het kind te huilen. Even later was het rustig. Negen dagen later stierf het meisje.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
324
Zus van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Appelterre-Eichem   
