Hoofdtekst
Ja, wacht ne keer. ‘k He nog horen vertellen. Ze moesten gaan binden op nen zondagachternoene en z’en han niet veel goeste (goesting). En d’er kwam nen duitse schapre en hij zegt: "Legt u allemale nere" en d’er was ene of enen die opkeke en aan iedren schoof stond er een roomanneken. En den dienen die opgekeken heeft zijn roten (rijen) waren niet gebonden. Hij ha gezeid danze niet mosten opkijken hé. Ge verstaat da wel hé.
Beschrijving
Op een boerderij moest men op een zondagmiddag het koren bijeenbinden. De mensen hadden echter niet veel zin om te werken. Even later kwam er een Duitse schaper voorbij, die zei: "Ga allemaal op de grond liggen zonder te kijken". Eén van de mannen keek stiekem naar wat er gebeurde en zag bij iedere schoof een rood mannetje staan. Even later was al het werk gedaan, behalve het deel van de man die had gekeken.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, s.d.
Commentaar
1.2 Aardgeesten
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
15
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Adegem   
