Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

AABEE0094_0094_7451 - Rit

Een sage (mondeling), 1965

Hoofdtekst

mene pâ was ne kie een kâ gôn helpe kalvere; en de vrâ van thâs was op huir bed gôn ligge; en iniens huurde ze zoe e gedrös duir de lucht; en mene pâ ging de vrâ roepe, mo di boegeirde nemie; en nodien, as da gedrös weg was, dan zei ze: "Och, wat heb ich goed geslôpe!" en ze wilden hebbe da di mê da gedrös meidei.

Beschrijving

Een man moest een koe gaan helpen kalveren. Ondertussen ging de boerin op haar bed liggen. Even later hoorde de man een vreemd geluid in de lucht. De man ging de vrouw roepen, maar ze verroerde geen vin. Toen het geluid ophield, werd de vrouw wakker en zei: "Och, wat heb ik goed geslapen!"

Bron

A. Abeels, Leuven, 1965

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (sint-truiden)
268
Vader van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Nieuwerkerken    Nieuwerkerken