Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KERAR0082_0082_16400 - Kind betoverd door onderpastoor - Redding door pater

Een sage (mondeling), 1966

Hoofdtekst

Als mijn zuster kleine was, Jeanne, dat was al met een keer dat ze zij dag en nacht lag te blêten in heur bedde, altijd maar schreeuwen. M’hadden al naar de dokter gegaan, maar dat was al geen avance. Nu de paster gaat daar op een dag, dat ’n hoord hadde dat dat kind nie goed en was. Zegt me vader tegen de paster, "dat is algelijk raar, meneer paster, dat kind doet percies lijk of dat betoverd is, dat is dag en nacht schreeuwen, dat zwijgt een keer geen halfheure!” "Nu”, zegt de paster, "als je dat peist, ‘k gaan ik dat rechtuit zien”. J’haalde zijn boek uit en je begoste te lezen dat ’t zweet van hem likte. Tegen dat de paster gedaan hadde met lezen, dat kind en blette nie mee. Weet je wuk dat de paster zei? "Madame”, zei’t ‘n, "je zijt gekuld van jen eigen gebeur”, zegt’n. "Hoe”, zegt ze, "’t woont niemand langst me dan den onderpaster”! "’t Is juiste dat”, zeid’n, "’t [is] van den onderpaster da je gekuld zijt”. In drie dagen was den onderpaster weg. Dat was op Dikkebus. Dat is echt gebeurd.

Beschrijving

Een vrouw wiens dochtertje dag en nacht huilde, liet de pastoor komen. De geestelijke haalde zijn boek boven en begon te bidden tot het zweet van zijn gezicht druipte. Toen de pastoor klaar was met bidden, zei hij: "Mevrouw, je kind was betoverd door je eigen buren!", waarop de vrouw antwoordde: "Maar er woont niemand anders naast mij dan de onderpastoor!" De pater antwoordde: "Wel, die bedoel ik ook". Drie dagen later verhuisde de onderpastoor.

Bron

K. Erard, Leuven, 1966

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
8
Zus van de informant
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Boezinge    Boezinge