Hoofdtekst
Over een jaar of vijf heb ik hier nog bij J. Lewie gewerkt en daar in 't veld is zo een kerkwegske - dat zijn van die wegskes die de boeren om akkerden maar de mensen gingen dan daar opnieuw over en ze hadden daar ook niks tegen -. Awel, en daar staat een kopeik, waar de weerwolf zijn vel ingestoken heeft. En ik ben daar dikwijls aan doorgekomen bij de avond. Dilleke: En aan de Dijken, daar spookte het ook.
Beschrijving
In een veldweggetje stond een eik waarin een weerwolf zijn dierenvel bewaarde.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.6 Weerwolven
midden-limburgs
c''
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
