Hoofdtekst
D'r was ne vent en als het 12 u. 's nachts was kon die nooit blijven slapen. Hij moest altijd een uur of twee gaan wandelen en op ne keer ging hij eens naar 't café en daar zat iemand met een pint bier voor hem. Hij dacht: 'k zal die eens beet nemen; en toen die wilde drinken was zijn pint weg. Hij zocht, maar hij vond ze niet. De tovenaar zei: "Daar op de schouw staat ze sè." "Hoe komt dat?" zei dien andere. "Drinkt er niet van dat ge morgen niet ziek in uw bed steekt", zei iemand anders. Hij pakte dan een ander en dronk ze uit en de volgenden dag was hij erg ziek. En een paar dagen later zat hij buiten in de zon en die tovenaar ging er voorbij en hij zei: "Tegen zondag zijt ge genezen, dan zijt ge weer gelijk anders." De andere lachte ermee, maar de zondag was hij genezen.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Een tovenaar kon om middernacht nooit in zijn bed blijven en moest dan een uur of twee gaan wandelen. Op een nacht ging de tovenaar naar het café, waar een man een glas bier zat te drinken. De tovenaar toverde het glas weg, waardoor de man schrok en op zoek ging naar het glas. "Het staat daar op de schouw", zei de tovenaar. De andere klanten in het café riepen naar de man: "Drink er niet van, of je ligt morgen ziek in je bed". De man bestelde een ander glas bier en dronk het leeg. De volgende dag was hij erg ziek. Enkele dagen later wandelde de tovenaar voorbij de zieke man die buiten in de zon zat en sprak: "Tegen zondag ben je genezen". De man lachte ongelovig, maar de tovenaar kreeg gelijk.
Bron
L. Smets, Leuven, 1963
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps (rupelstreek en omgeving)
269
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Blaasveld   
