Hoofdtekst
15.D Ik heb ooit horen zeggen, dat waar de meulder nu woont, hier op de Wissel ... Weet gij nog dat daar een grote kant naast de weg stond, waar geen enkel huis stond? Daar moet het ook ooit gehekst hebben. Zo heb ik dat onze vader ooit horen zeggen. X En wat gebeurde er dan?15.D Wel, dan was het donker op de straat en dan zagen ze (voorbijgangers of bewoners van de Wampenberg) een lichtje in de kant en gingen ze erheen. Op een paal een lichtje, maar dan sprong daar ineens een man op met laken om zijn kop. Dat was om die jonge mannen bang te maken. 2 Ze maakten elkaar helemaal bang, hé.15.D Da's zeker. Ja, maar als ge dan zo aan de eenzame kant waart en het was donker en het waaide hard of het regende en zo, dan hoorde ge altijd iets, hé, altijd iets. 2 Ja, en ze werden gejaagd en ze stookten zich op.
Beschrijving
Op de Wissel zou het ooit hebben gespookt. Wanneer de mensen daar in het donker voorbijliepen, zagen ze een lichtje. Zodra ze dichterbij kwamen, sprong er een grapjas met een laken op hun hoofd om hen bang te maken.
Bron
C. Verheyen, Leuven, 1982
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (arendonk)
15D
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
Plaats van Handelen
Wissel (Arendonk)   

