Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KERAR0104_0104_16457 - De Mare

Een sage (mondeling), 1966

Hoofdtekst

Ik heb dat nog gehoord van ene, maar zelve heb ik dat niet gehad. Dat was lijk entwie die je bost toesnoerde, een vrouwmens zeien ze, en de die zei: ( die van de mare bereên was) "Zijt ge van God gezonden spreekt, zijt ge van den duivel gezonden, gaat weg naar vanwaar dat ge gekomen zijt”! Toen kwam er nooit meer entwadde op heur. Maar ze zei dat dat dikkens met heur gebeurd was. Als ik dat toen gehoord heb, heb ik altijd mijn kloefen onder mijn bedde gezet dat de mare niet meer eronder en koste.

Onderwerp

SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten    SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   

Beschrijving

Wie door de maar werd bereden, had het gevoel dat zijn keel werd dichtgesnoerd. Een vrouw die al vaak door de maar was bereden, had een keer gezegd: "Ben je door God gezonden, spreek dan. Ben je door de duivel gezonden, ga dan terug vanwaar je gekomen bent!" Daarna was de vrouw voorgoed van de maar verlost. Om zichzelf tegen de maar te beschermen, kon men bijvoorbeeld ook zijn klompen onder het bed zetten.

Bron

K. Erard, Leuven, 1966

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (ieper)
7
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Brielen    Brielen