Hoofdtekst
In ons geburen was er een vrouw die lawaait hoordegen in hare stal en als ze ging kijken lagen alle varkens dood. En diezelfde vrouwe had een koe staan mee ne lelijke poot en ze ging naar Afflighem en de paters zeien dat er binst de negen dagen een vrouwe zou komen en dat ze haar zou verweten hebben maar ze er toch niet en mochten aan doen. En enige dagen daarnaar liep ze in de lochting en ze verweet dat mens van alle lelijke dingen; en dat vrouwmens zei dat ze daar mee nen arm liep dat ze menegen dag hij ging afvallen, zo aardig zag dat!
Beschrijving
Een boerin hoorde lawaai in haar stal en stelde even later vast dat al haar varkens dood waren. Omdat de koe van die vrouw een ontsteking aan de poot had, ging de boerin naar de paters van Affligem. De geestelijken voorspelden dat er binnen negen dagen een vrouw zou langskomen. Men mocht die vrouw echter geen kwaad doen. Enkele dagen later zag de boerin in haar tuin een vrouw lopen. Ze verweet die vrouw allerlei zaken. Daarna had de vrouw een arm die er zo slecht uitzag dat hij er leek te zullen af vallen (?).
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
503
fabulaat
Naam Overig in Tekst
paters van Affligem   
Affligem (paters van)   
Naam Locatie in Tekst
Voorde   
Plaats van Handelen
Affligem   
