Hoofdtekst
Te tellen woeren ze niet en maar om mich (rond me) en de muil open. En zo tot aan de gard (veldwachter). Die zag niks en ram (tussenwerpsel met betekenis: paf) met 't geweer erachter en dow zagen ver (we) ze vurtgaan. Dat woeren geen varken he! (betekenis: dat waren geen gewone varkens!) Ja, wat woer het?
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man werd omringd door vreemde dieren die leken op varkens. Toen de man zijn geweer bovenhaalde, liepen de dieren weg.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (bilzen)
133
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Gellik   
