Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MNIJS0141_0141_19253

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

’t Was kerremesse en de boer moeste oesten (oogsten). De Duutsche Schaper kwaam verbie en je zei: "Je moet do nie van maken, ‘k gon ik helpen. Draai jen omme en je mag nie kieken. Den deen da kiekt ze part go bluven liggen!" ’t Keek toch een omme en ze part bleef liggen. ’t Woaren ol roa vintjes mè roa mutsjes die ip ’t laand liepen.

Beschrijving

Een boer moest zijn oogst binnenhalen op een dag dat er kermis was. De Duitse schaper sprak tot de boer en zijn knechten: "Dat is geen probleem. Draai jullie om en kijk niet naar wat er gebeurt". Eén van de knechten keek echter toch en zag allemaal rode ventjes met rode mutsjes op het veld lopen. In een mum van tijd was al het werk gedaan, behalve het gedeelte van de knecht die had gegluurd.

Bron

M.-R. Nijsters, Leuven, 1969

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (nw van houtland)
71.6
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Duitse schaper    Duitse schaper   

Naam Locatie in Tekst

Leke    Leke