Hoofdtekst
Dat was een heks (= Boze Griet), een echte, kom! Dan begon ze ook ineens te da(n)sen in 't veld en keunse (= kunsten) te doen. Ze daasde (= danste) in 't veld met de küj (= koeien). Hare zoon was ziek en kon nie stereven, hij was sjans (= nochtans) al bekwaam, ze hebben hem moeten verstikken tussen twie kussens anders koster (= kon hij) nie van de wereld af.
Beschrijving
Boze Griet was een echte heks. Soms begon ze midden in het veld met de koeien te dansen. Toen haar zieke zoon op zijn sterfbed lag, kon de jongen niet sterven. Uiteindelijk heeft men hem met twee kussens moeten verstikken.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
R59
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Boze Griet   
Naam Locatie in Tekst
Rutten   
