Hoofdtekst
A: Ja, dat moet in de jaren tussen 1900 en 1908 geweest zijn. E wel, dat mijn moeder nog verteld heeft van de vliegende geit. Dat was in ’t jaar ’13 né, als ze de laatste keer gekomen is.X: Dertien?A: Ja. Zij is toen gaan kijken.B: Ge ziet dat er algelijk toen in de jaren van 1900…A: Zij is toen gaan kijken waar dat "De Geit" nu is. Daar op dat land daar. Ja, ze kwamen van Kortrijk te voet en allemaal en dat land was allemaal plat en de boeren waren al kwaad daarvan né. En ze is voorzeker drie avonden achter mekaar geweest né en nooit de geit gehoord!X: Nooit gehoord?A: Nooit gehoord noch gezien. E wê gauw, dat moest juist, de ene keer kwam ze en de andere keer kwam ze niet.B: Dat was een eindelijke grote witte vogel.A: Maar volgens dat ’t schijnt was ’t een vogel die ze nog zouden geschoten hebben hier en in "De Kroon" gelegd hebben né.B: Maar ze had een kop lijk een geit.A: En, volgens dat ’t schijnt, volgens dat ’t schijnt, zou dezelfde vogel bestaan in ’t zuiden van Frankrijk. En dat is een soort stekvogel. Als hij naar beneden vliegt die alzo kleppert, dat, door ’t slaan van zijn vleren, dat dat kleppert juist lijk, lijk een geblaat van een geit né. Dat slaan van haar vleren. Maar die vogel is geschoten en ze hebben toen geen geit meer gehoord, niettegenstaande dat de smettin van de Keiberg nog gezeid heeft dat ze ze nog gemolken heeft né.B: Er waren veel zegsels né.
Beschrijving
Vroeger zijn er zelfs mensen vanuit Kortrijk naar Beselare gekomen omdat men daar in de lucht een geit hoorde blaten. In werkelijkheid werd het geluid veroorzaakt door een grote witte vogel die op zekere dag werd neergeschoten.
Bron
F. Ramon, Leuven, 1975
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (ieper)
2
Tussen 1900 en 1908
fabulaat
Naam Overig in Tekst
vliegende geit (Beselare)   
Naam Locatie in Tekst
Beselare   
Plaats van Handelen
Kortrijk   
Beselare   
