Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DHERB0080_0084_25392 - Kludde, de weerwolf

Een sage (mondeling), 1974

Hoofdtekst

Onderwerp

SINSAG 0356    SINSAG 0356   

Beschrijving

Kludde de weerwolf leefde omstreeks 1860 en woonde in het ven. Hij kon alle gedaanten aannemen, behalve die van een schaap.
In de negentiende eeuw werd in december een bijeenkomst gehouden van de vriendenkring ‘Zoutleeuw vooruit’. Die bijeenkomst vond plaats in café ‘de Rode Leeuw’. In dat café werd veel plezier gemaakt. Een man vertelde er een verhaal over de weerwolf, die soms in de gedaante van een prachtige zwarte merrie langs de huizen liep. Vaak vergezelde de weerwolf in de gedaante van een grote zwarte hond late wandelaars.
Daarna vertelde iemand anders een verhaal over haar grootmoeder die als naaister werkte en op haar weg naar huis langs de grote gracht vaak door Kludde was vergezeld. Kludde probeerde haar altijd in de Gete te duwen.
Een andere man vertelde over zijn grootvader, die in de late uurtjes terugkeerde van een bezoek aan zijn vriendin en in een weide een grote zwarte hond zag.
Een vrouw die bloedworst aan het koken was, hoorde plots een gedruis in de schouw. De vrouw stelde bovendien vast dat de wordt uit de kookpot was verdwenen. De vrouw liep woedend naar buiten en riep: “Potverdomme! Smerige Kludde, je hebt mijn worst gestolen!” Om dergelijke incidenten te voorkomen, goten de mensen soms wijwater in de kookpot.
Een slachter die op een avond terugkwam van Terheide, zag bij de Kattepoel een grote zwarte hond staan. De angstige man hield zijn bijl stevig vast en liep door. De volgende dag sprak Kludde tot hem: “Mijn vriend, jij bent een dappere kerel voor je leeftijd!”
Een achttienjarig meisje dat op een heldere avond terugkeerde van een bezoek aan haar zus, kwam bij het ‘spiegelhuis’ en zag dat het plots pikdonker werd. Het meisje nam haar klompen in de hand en rende naar huis. Vijftig meter verderop hoorde ze plots een hevige slag. Het meisje aanriep alle heiligen en spurtte naar huis.
Op een ochtend werd Kludde dood weergevonden op de Pelsberg. Een man uit Terweiden ging ’s avonds naar zijn vrouw, die in het centrum van Zoutleeuw werkte. Op de Pelsberg zag de man plots iets vóór zich op de weg springen. De man greep de hond beet en drukte hem zo sterk tegen zich aan dat hij kraakte. De man liet de hond liggen en rende weg. De volgende ochtend werd Kludde dood weergevonden op de Pelsberg. Zijn ribben waren gebroken.

Bron

D. Herbots, Leuven, 1974

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
brabants (oosten)
29F
Omstreeks 1860
fabulaat

Naam Overig in Tekst

café 'de Rode Leeuw' (Zoutleeuw)    café 'de Rode Leeuw' (Zoutleeuw)   

Kludde    Kludde   

Spiegelhuis (Zoutleeuw)    Spiegelhuis (Zoutleeuw)   

Rode Leeuw (café in Zoutleeuw)    Rode Leeuw (café in Zoutleeuw)   

Zoutleeuw vooruit (vereniging)    Zoutleeuw vooruit (vereniging)   

Naam Locatie in Tekst

Zoutleeuw    Zoutleeuw   

Plaats van Handelen

Terheide (Zoutleeuw)    Terheide (Zoutleeuw)   

Kattepoel (Zoutleeuw)    Kattepoel (Zoutleeuw)   

Gete    Gete   

Pelsberg (Zoutleeuw)    Pelsberg (Zoutleeuw)