Hoofdtekst
Da was euk te Latem bij boer Van de Velde's; die Van de Velde's dus ewaar, twee oude jonkmans Henri en Miel en een jongedochter è, waren nog verre familie van ons moeder- zaliger.Ewel die ha'n een boerderije waar datte mee een dreefke naartoe liept, langst de strate was ter een hekken en keer veur keer za'en de mensen dien der 's aves veur bijkwamen heel de gedaante van een witte dame, die in 't midden, vlak tegen dat hekken stond. Niemand en dierft heur aanspreken en 't ging zo verre dat er daar as niemand in den donkere dierf passeren. Ne kameraad die hier garde was moest ook altijd verbij da hof, en ie hee 't nog zelve verteld, as ie ne vroegen dienst dee, dikwels nen ommeweg dee van angst en vreze, somtijds kwamt ie toch aldaar verbij en hee't ie ook die witte schimme gezien, "'t Zweet brook mij thans uit van schuite”, zeit ie, en wonder, as ik tans bij dage langs daar terugkeerdege was ter niets te ziene", zeit ie. Wa was dat? 'k E weet nie.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Op een boerderij in Latem zag men ’s avonds in het donker een witte dame voorbijkomen. Niemand durfde de dame aan te spreken. Het werd uiteindelijk zo erg dat niemand nog in het donker op die plaats durfde te komen.
Bron
A. Desmyter, Gent, 1955
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (zuiden: bevere en oudenaarde)
45
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Bevere   
Plaats van Handelen
Latem   
