Hoofdtekst
Der was een kapelle in de Kortrijkstroate, niet verre van den wijk “De Slore”. En ’t was algemeen gezeid dat het doa spookte. En mijn broere kwam ne keer laat naar huis en je moste doa passeren. En je had liek entwien zien krupen uit de stuken (= 2 schoven tegen elkaar geplaatst) en je had begunnen te loepen. En je had zo zere gelopen dat ne thuis tegen de deure bokte, zei me moeder. En je gienk noa bedde en o me moeder tegen den nuchtend gienk kieken sliep ne nog niet. En jie lange gesukkeld en ton ziek gewist en j’is aan zien 19 jaar dood gegaan. En as de minsen langs dat kapelleke mosten passeren zeien ze:grijp grap grijphei je me nog nooit gegrepengrijp me nu.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
In de Kortrijkstraat in Izegem stond een kapelletje waar het spookte. Toen een jongen daar op een avond voorbijkwam, zag hij tot zijn grote schrik iets kruipen. Doodsbang liep de jongen naar huis. De jongen was zo gegrepen door angst dat hij de volgende ochtend nog niet kon slapen. De jongen werd ziek en kende veel ellende. Op negentienjarige leeftijd is hij gestorven.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (tielt en izegem)
209
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Izegem   
Plaats van Handelen
Kortrijkstraat (Izegem)   
Izegem   
