Hoofdtekst
Tegen de mare moest je ton joen kloefen verkeerd zetten, ip den trap, dus da ze peisde da j’ naar beneden gegaan waart. En die mare, g’hoorde ze kommen, ze springt ip joe en ze verworgt joe. Ge peist da j’ tiert om hulpe en ge kunt niet. En da gaat langzaam were weg. En o j’ da vele tegenkomt wordt je daarvan magre.En da was in ’t hout ook. In de bussen azo n’een tak die tegenmekaar groeit, die lijk in n’een duts (knoop) groeit en die takken zijn plat in de plekke van dikke. Da was surtout (vooral) bij de sparren.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Om zichzelf tegen de maar te beschermen, moest men zijn klompen omgekeerd naast de trap zetten, zodat de maar dacht dat je naar beneden was gekomen. De maar kon men horen aankomen. Mensen die door de maar werden bereden, hadden het gevoel dat ze werden gewurgd en konden geen geluid uitbrengen. Mensen die vaak het slachtoffer werden van de maar, vermagerden erg.
Planten konden ook door de maar worden bereden. Dat kon men bijvoorbeeld zien wanneer in een bos twee takken tegen elkaar waren gegroeid. Die takken werden dan plat. Dat gebeurde vooral bij sparren.
Planten konden ook door de maar worden bereden. Dat kon men bijvoorbeeld zien wanneer in een bos twee takken tegen elkaar waren gegroeid. Die takken werden dan plat. Dat gebeurde vooral bij sparren.
Bron
P. Vandewalle, Leuven, 1968
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (o van houtland)
132
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hertsberge   
