Hoofdtekst
In een familie hier teerde eens iemand uit en dat waren deftige mensen, want ze hadden ne pastoor in de familie, en dat was de zwarte hand, zeien ze. Toen zegden ze tegen mij: "Gij moet voor ons eens naar Bornem gaan." Maar ik deed da niet geren. Toen zei ons moeder: "Och, doet dat mer veur die mensen", en dan heb ik dat maar gedaan. Dat is een heel reis van hier: eerst naar Puurs en dan naar Börm. En ze zeggen altijd dat ge op die reis iets tegenkomt en dat is zo ook, want ik kwam op den trein en daar lag ne groten hond en die liet zijn tanden zien en ie liet me niet binnen. In Börm kreeg ik wijwater, zout om in te nemen en een medaille. Ze vragen dan of het voor de stal is of voor de mensen. Ge moogt iets geven als ge wilt, maar ge moet niet. Die paters hielpen zo de mensen om ze van de kwade hand af te helpen.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een vrouw ging naar de paters van Bornem voor een bevriende familie die door de zwarte hand was geraakt. Onderweg zag de vrouw een grote hond op de grond liggen, die zijn tanden liet zien. In Bornem kreeg de vrouw wijwater en een medaille. Men vroeg daar of dat alles moest dienen voor de mensen of voor de dieren in de stal. Men mocht de paters een vergoeding geven, maar dat was niet verplicht.
Bron
W. Luyts, Leuven, 1956
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps ('land van turnhout')
223
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bornem (paters van)   
paters van Bornem   
Naam Locatie in Tekst
Turnhout   
Plaats van Handelen
Bornem   
