Hoofdtekst
Ik heb ons moeder dat dikwijls horen zeggen: 'Ik weet wat dat hier is in mijn huis', zei ze. 'Ik ga mijn huis eens laten wijden', zegt ze, 'en ik ga zorgen dat dat hier niet meer aan kan', zei ze. Maar ze zei niet wie dat geweest was tegen tante Mina en ze gaat naar de paters en ze zegt tegen de paters: 'Wijdt mijn huis van boven tot onder en van achter tot voor.' En toen nam ze zo'n klein houten kruiske en ze ging naar de zul (= drempel), dat ze zeggen en ze licht die op en toen wijdde dat kruisje die pater en ze stak dat onder de zul. 'En nu hoop ik dat ge gerust zijt', zei hij tegen haar. En wat ik u zeg: 's anderendaags kwam die vrouw opnieuw en ons moeder had daar toen geen denken op, achterna dacht ze daarop. Toen zei ze tegen haar: 'Lewis, kom toch in', zei ze. 'Neen, ik heb geen tijd, vandaag heb ik geen tijd.' Ze kon niet over de zul. 'Ik kom op een andere keer eens terug.' En sinds toen is ze altijd voorbijgegaan. 'Kom eens een tas koffie drinken?' 'Neen, vandaag heb ik geen tijd, ik heb allewijl geen tijd meer.' Maar ze kon daar niet over, ze had op 't laatste de macht nog niet om aan de voat (= paadje) in te komen.
Beschrijving
Een vrouw wiens huis behekst was, ging te rade bij een pater. Ze kreeg van de geestelijke een gewijd houten kruisje om onder de drempel te leggen. Sindsdien kwam Lewis, een kennis van de vrouw, nooit meer op bezoek. "Lewis, kom toch een kopje koffie drinken!", zei ze dan, maar de heks kon niet meer over de drempel.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
2.1 Heksen
midden-limburgs
n
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Lewis   
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
