Hoofdtekst
Beschrijving
In Bellingen woonde een vrouw die ervan werd verdacht een toveres te zijn. Het was een stokoude vrouw die zo krom liep dat ze bijna met haar neus de grond raakte. In werkelijkheid had die vrouw nooit iemand kwaad gedaan. Ze gedroeg zich vreemd en woonde in een laag huisje met een strooien dak.
Bron
M.-J. Deraemaeker, Leuven, 1977
Commentaar
2.1 Heksen
brabants (zuid-west)
34D
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Sofie Poetj   
Naam Locatie in Tekst
Bellingen   
Plaats van Handelen
Bellingen   
