Hoofdtekst
‘k Weten nog dat de bende Pollet een kee binnengebroken heeft bij een rijken hereboer. Die mens woonde daar allene op ’t hof. ’t Was hof en herehuis tegare. J’hadde nog ze maarte. Nu, bij nachte, ze braken in en ze steelden al ’t geld en z’hebben dien here vermoord, een oude mens. Die maarte sprong weg en ze liep naar buiten, deur ’t water, ’t was Treze Vander Elst, ‘k ken ze goed, en ze liep naar een huis daar een beetje vodder (verder) tewege, maar die mannen haalden z’in en ze ranselden ze zodanig af da z’er blend van was. Ze wisten, eh ja, da ze zij ulder gong verwittigen en achter de police zenden, die menschen die een ende verder wunden. Ik weten nie meer juiste waar dat dat gebeurd heeft, maar ’t was alleszins hier in West-Vlaanderen. Maar Treze heb ik gekend, z’heeft achter da ze getrouwd is nog langs mij gewund.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
De bende van Pollet pleegde op een nacht een inbraak bij een rijke boer die alleen woonde met zijn meid. De rovers vermoordden de boer, stalen al zijn geld en ranselden de meid af, die op de vlucht was geslagen. Daardoor was het meisje blind geworden.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
7
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Pollet (bende van)   
bende van Pollet   
Naam Locatie in Tekst
Ieper   
