Hoofdtekst
'Ne mens had kolen in den hof staan. En die waren altijd afgegeten. Die dacht in zijn eigen: 'Dat ben ik toch moe', en hij dacht in zijn eigen: 'Ik zal eens wacht houwen.' Die kan ik u noemen, dat ik niet lieg. Hij haalde zijn jachtgeweer en hij gong op wacht staan. 's Nachts kwam den haas en hij schoot hem maar hij schoot wel zijn eigen dochter. Die is altijd als haas opgesloten geweest.
Onderwerp
SINSAG 0623 - Der geweihte Schuss   
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Een man was het beu dat de kolen in zijn tuin altijd werden opgegeten door een haas. De man besloot om 's nachts de wacht te houden. Toen de man 's nachts de haas zag lopen, schoot hij met zijn geweer zijn eigen dochter dood.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (bree en omstreken)
Heks-haas gewond en herkend (Loerjager schiet de vrouw (dochter) des huizes): variant (Opoeteren)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Opoeteren   
