Hoofdtekst
Wij werden do niets van gewaar, maar 's morgens waren de manen van de paarden 'gevlecht' juist wei (gelijk) de meisjes. De zweet liep aan 't paard zijn lichaam af. Ge zaagt dat die veel geleden hadden. En ge kreegt dat niet los, maar dan ging dat weer van alleen los.
Beschrijving
Een boer uit Veldwezelt stelde elke ochtend vast dat de manen van zijn paarden gevlochten waren.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
limburgs (bilzen)
117
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Veldwezelt   
Plaats van Handelen
Veldwezelt   
