Hoofdtekst
- Maar heb je nooit gehoord van toeren die die heksen uitstaken?- Neen. Mijn moeder heeft nog een keer verteld, haar vent was dood, haar eerste vent, zie je’t, ik ben van de tweede vader. En ze woonde toen in Geluveld waar dat ze ook een beetje boerde en ze moest naar Ledegem gaan naar de notaris. En … ze stond met elf jongens en zij ging bij nacht, binst dat de jongens sliepen naar de notaris te voet. En daar aan schaapboer Soetes, overtijd ’t was schaapboer Soete, maar ’t is nu Ghekiere né, die daar woont. ’t Was een groot hof met bossen en ze kon geen weg van de padden die voor haar sprongen en tussen haar benen en al zei ze.- Padden?- Padden ja. Dat was ook lijk een verkeer né. Maar ja, dat waren al een beetje superstitiën zeker peins ik.
Beschrijving
Een vrouw uit Geluveld wiens echtgenoot was gestorven, moest naar de notaris in Ledegem gaan. De vrouw ging 's nachts omdat haar kinderen dan sliepen. Onderweg werd de vrouw echter omringd door padden die haar de weg versperden.
Bron
F. Ramon, Leuven, 1975
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (ieper)
3
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Beselare   
Plaats van Handelen
Ledegem   
Geluveld   
