Hoofdtekst
Mijn grootmoeder ee Bakelandt gekend en z’ééd e broere die vermord is van Cocolje die de kop ofgedon geweest is in Ieper. Dat wos een van de bende van Bakelandt. Z’ee nog verteld dat Bakelandt in huus kwam binst dat d’andre nor de messe gingen . En je zag lik dat ze benauwd wos enne zei: "Katriene, je moet niet benauwd zijn." Ze weunde in Staânveld. Je stak zijn orme uut om de rebbe van de zolder vaste te pakken en ’t wos ol bloed an zijn orme. J’had zeker juuste e moord gedon?
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een man was vermoord door Cocolje van de bende van Bakelandt, die in Ieper werd onthoofd.
Op een dag kwam Bakelandt binnen in een huis in Stadenveld waar de vrouw alleen thuis was omdat de andere gezinsleden naar de mis waren. "Je hoeft niet bang te zijn", sprak Bakelandt. Toen hij zijn arm uitstak naar de balken van de zoldering, zag de vrouw dat hij vol bloed hing.
Op een dag kwam Bakelandt binnen in een huis in Stadenveld waar de vrouw alleen thuis was omdat de andere gezinsleden naar de mis waren. "Je hoeft niet bang te zijn", sprak Bakelandt. Toen hij zijn arm uitstak naar de balken van de zoldering, zag de vrouw dat hij vol bloed hing.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
204J
Grootmoeder van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Katrien
Bakelandt
Bakelandt
Cocolje
Bakelandt
Bakelandt
Cocolje
Bakelandt (bende van)   
bende van Bakelandt   
Naam Locatie in Tekst
Oostnieuwkerke   
Plaats van Handelen
Ieper   
