Hoofdtekst
X Hebt ge ook van spoken gehoord?27.U Nee, dat heb ik nooit gehoord. Maar dat heb ik wel ooit gehoord. Daar bij Fientje Fuw (bijnaam), hé. Dat hebt ge wel geweten, hé?2 Ja.27.U Dat daar altijd ene mol wroette en dat ze zeiden, dat dat een spook was, dat die daar kwam wroeten. En Fientje, Fientje Fuw – Pientje zeiden wij – die deed alle dagen die hoop weg, hé. Maar alle dagen was daar een hoop, een molshoop voor de deur.2 En dat was spokerij.27.U Dat waren spoken. Toen zeiden ze, dat dat spoken waren. En daar was er alle dagen een molshoop voor de deur. En dan deed zij hem alle dagen weg.X dat was geen goed teken?27.U Nee, dat was geen goed teken.
Beschrijving
Een vrouw deed iedere dag een molshoop voor haar deur weg, maar de molshoop lag er de volgende dag weer opnieuw. Dat was spokerij, zo geloofde ze.
Bron
C. Verheyen, Leuven, 1982
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (arendonk)
27U
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
