Hoofdtekst
Beschrijving
Een man die 's ochtends per fiets naar zijn werk reed, zag een boer met een kar voor zich. Toen de man de kar wilde voorbijsteken, zag hij lichten zo groot als lantaarns op zich afkomen. De lichten vlogen omhoog, waardoor de man de nabijgelegen velden en huizen kon zien, hoewel het donker was. De man was doodsbang. Misschien waren de lichtjes 'vismoeiers' geweest.
Bron
A. Van Looy, Leuven, 1964
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
brabants (haspengouw)
8
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Keerbergen   
