Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0233_0234_21236

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

’t Wos e keer e vint die nor den dokteur moste gon bij nachte en ’t wos juuste twolve. En je komt dor oender roete e vromens tegen en die vint sprak z’an enne zei: "Zij gij ook up roete bij nachte?" En die vrouwe zei: "De dagen zijn voor joen en de nachten zijn voor mijn." En die vint ging verder mor die toveresse kaam achter en ze zegt tegen die vint: "Wor moej gij up reize?" En die vint zei: "Dat zijn mijn affairens" en up ’t zelfde moment stoenten an de groend genageld en je koste niet meer weg toet wanneer datten zei tegen die vrouwe: "’k Gon je niet meer anspreken." En toen kosten were weg en up ’t zelfde ogenblik wos ze lik weg.

Onderwerp

SINSAG 0539 - Hexe bannt an den Platz    SINSAG 0539 - Hexe bannt an den Platz   

Beschrijving

Een man die 's nachts de dokter ging halen, kwam om middernacht een vrouw tegen, tot wie hij sprak: "Ben jij ook nog 's nachts op wandel?" Daarop antwoordde de vrouw: "De dagen zijn voor jou en de nachten voor mij". Toen de man voortging, volgde de toveres hem en vroeg: "Waar ga jij heen?" Toen de man antwoordde: "Dat zijn mijn zaken", werd hij aan de grond vastgetoverd tot hij tegen de vrouw zei: "Ik zal je niet meer aanspreken". Op dat ogenblik verdween de vrouw en kon de man weer voort.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
west-vlaams (vrijbos)
129A
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Woumen    Woumen