Hoofdtekst
I -En hebt ge nooit niet gehoord dat een heks haar in een beest konveranderen en zo? Dat ze heur (zich) in een kat veranderden of zoiet hebt ge dat niet gehoord?23 R -Nee, daar heb ik nooit van gehoord, maar euh, ge kon dingen tegenkomen, ge hebt de baas is dood en binnen uit de zageputte en hij was nog jong en hij komt naar huis, ‘s nachts, zondag ‘s nachts hé en niet verre van zijn deur staat er een vélo - en in den tijd de vélos waren met een carbuurlamp hé - een schone vélo met licht op, maar in die tijd d’er waren geen tien vélos op de gemeente hé en hij gaat gaan kijken en de vélo is weg en d’er springt een grote zwarte hond weg en de vélo was weg en die mens was er zodanig van gedaan (geëmotioneerd) hij komt thuis en zegt ze zijn moeder: “wat hebt gij voorgehad?” “Ah niets( zegt hij, (maar g’en doet” (toch wel) zegt zij “ge zijt al zo wit als de dood!” zei ze en thuns (dan) heeft hij ‘t verteld. Ja.I -En was die fiets veranderd in een hond.23 -In een hond ja. Dat bestaat nog hé zo’n dingen, dat komt ge tegen.I -En die zwarte hond was dat dan de duvel of?23 -Ah, ik weet ik dat niet hé, dat is voor u te doen verschutsen (te laten schrikken) hé, verstaat ge het?II -Ah ja, voor u de schrik van uw leven te doen krijgen.23 -Ze deden niet anders of deugnieterije. Daavoor waren ze.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een jongen die op een zondagavond naar huis wandelde, zag een fiets tegen de gevel van een huis staan. Omdat er in die tijd nog niet veel fietsen waren, ging de jongen dichterbij. Op dat ogenblik zag de jongen dat de fiets was verdwenen en dat er een grote zwarte hond wegliep. Bij zijn thuiskomst was de jongen lijkbleek. Hij vertelde zijn moeder dat hij een fiets in een hond had zien veranderen.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (groot-zottegem)
23R
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Goriks-Oudenhove   
