Hoofdtekst
Ja, jaat ’t heet hier gespookt. Hier nie verre van ’t Blauw Kasteel. Ne zekeren Brabandere woondige dare. ’t Heet daar gespookt. Mijn vaders vadre woondige d’erop. Hij is ne keer van Oostkamp gekomen d’erop. Hij is ne keer van Oostkamp gekomen en er was daar een buske (bosje) langs de weg. Hij zag er ne lucht (licht) in. Maar hij was ne stouten. Allez ze zeien dat toch dat ’t ne stouten was en hij ging er naartoe. En te middent da buske zaten d’er viere te kaarten aan een tafelken en d’er zaten d’erbij die hij kendige. En da buske wierd het toverbuske genoemd. Ze zeien "Ge moogt nooit tegen niemand zeggen daje ons gezien het of me gaan u de nek afwringen." En hij heet ’t nooit aan zijn vrouwe gezeid wien dat er bij was. Ja, ja, dat hen ze ons dikkels (dikwijls) verteld. Zo da was toch wel spokerij hé.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
In de buurt van 't Blauw Kasteel spookte het vroeger. Toen de kasteelbewoner op een dag terugkwam van Oostkamp, zag hij in een bosje langs de weg een licht branden. De man ging onbevreesd een kijkje nemen en zag in het bosje vier mannen aan een tafel zitten kaarten. De man kende één van de kaarters. Dat bosje werd 'het Toverboske' genoemd. De kaarter drukte de man op het hart aan niemand te vertellen wat hij had gezien.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, s.d.
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
250
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Blauw Kasteeltje (Sint-Baafs-Vijve)   
Toverboske (Sint-Baafs)   
Naam Locatie in Tekst
Oedelem   
Plaats van Handelen
Oostkamp   
