Hoofdtekst
Dan’k ik nog geweten hebben, dat was op een hofstee en alle navonde, de koeien waren los in de stal en ze mochten ze bingen (binden), ’t was al geen avance, en de keuns (konijnen) liepen ’t ijzerdraad op, d’hennen donsen (dansten) op de koer, de peerden wilsten (wilden) niet meer werken, ze braken al ’t getuig op ’t veld. Dien man hij heeft een keer of zesse weg moeten gedaan zijn en hij heeft doodgegaan ervan.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Op een boerderij werden de koeien uit de stal iedere avond losgemaakt. Men probeerde de dieren weer vast te binden, maar dat lukte niet. De konijnen liepen tegen de ijzeren afspanning omhoog, de hennen dansten op het erf en de paarden wilden niet meer werken. De boer heeft zijn boerderij wel zes keer moeten achterlaten. Uiteindelijk is de man gestorven.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (franse grens)
177
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herzele   
