Hoofdtekst
Tante Wieze weune ip Heule en ze ging naar Bissegem. ’t Was in den donkeren. Ze ziet achter heur en ze zie daar twee mannekes van zo groot (50 cm.) en tussen ulder droegen ze ’n wiel ip ’n asse. Ze ging zere verdere, maar ommenekeer, ze rolde in den dijk (gracht).
Beschrijving
Een vrouw uit Heule die naar Bissegem ging, zag achter zich twee mannetjes van ongeveer vijftig centimeter groot. De mannetjes droegen een wiel op een as tussen hen in. De vrouw ging voort, maar rolde wat verderop in de gracht.
Bron
G. Speecke, Leuven, 1959
Commentaar
1.2 Aardgeesten
west-vlaams (menen en omstreken)
9
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Bissegem   
Plaats van Handelen
Heule   
Bissegem   
