Hoofdtekst
Beschrijving
Een man die op de Hemelshoek in Berlaar woonde, liet zijn pasgehuwde dochter met haar echtgenoot in zijn huis wonen. De eerste nacht kon de schoonzoon daar niet slapen van het lawaai. Zijn echtgenote sprak tot hem: “Dat is niets, dat is moeder”. Iedereen was bang voor de moeder van dat meisje. Omdat het lawaai aanhield, stond de schoonzoon op om te gaan kijken. Hij zag een veld vol vrouwen die een wondermooi liedje zongen. Zijn schoonmoeder stond in het midden van het gezelschap. Zij was bazin van de heksen. De man ging zijn vrouw halen, maar plots waren alle heksen verdwenen. Het meisje heeft haar eigen huis geruïneerd.
Bron
W. Van Hoof, Leuven, 1963
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (heist-op-den-berg en omgeving)
120
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Putte   
Plaats van Handelen
Hemelshoek (Berlaar)   
Berlaar   
