Hoofdtekst
‘k He altijd horen zeggen van mijn vadre dat ’t toe Charel d’Hoogens en latre bij zijne zeune Jules spooktige. Al mee ne keer wierden de beesten opgejaagd en verschrikt door de spoken en de kalvers en de koeien klaverdigen (kropen) op de muren. Ze meendigen dat ’t wijveken de Roo elders (hun) dat aandeed. En ze geen (gingen) naar Steenbrugge naar de paters. Diene gang was altijd wreed (zeer) lastig en ze zweetigen geweldig. En de paters besproeidigen de beesten mee wijwatre en ’t wierd were normaal op dat hof.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Op een boerderij waar het spookte, kropen de koeien en kalveren tegen de muur omhoog. De mensen verdachten een vrouw uit de buurt van het kwaad en gingen naar de paters van Steenbrugge. De weg naar Steenbrugge was zeer moeilijk, waardoor de mensen helemaal bezweet waren bij hun aankomst. Nadat de dieren door de paters met wijwater waren besprenkeld, werd alles weer normaal op de boerderij.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, s.d.
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
291
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Steenbrugge (paters van)   
paters van Steenbrugge   
Naam Locatie in Tekst
Knesselare   
Plaats van Handelen
Steenbrugge   
