Hoofdtekst
Dat was vroeger zo van alles. Ich ben van Könsem (= Koninksem). Moeder hare tè (= vader) werkte in Tongeren Luikersteenweg, 'Nièste Meulen' Tongeren in de wei. Doa was e beregske tussen twee weien. Hij hoorde iet mè hij zag niks. Toen kwamter aan de huis (= huizen) en doa hoordeter niks mee. Wijder hoordeter het weer en toen kreegter bang. Toen zagen ze een zoog (= zeug) met jong baggen (= biggen). Dat was een ketelzeug aan 't Jeker en dan aan de baan.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een man die ging werken op de 'Nieste Meulen' in Tongeren (Luikersteenweg), zag bij de Jeker een zeug lopen, die een ketting om haar hals droeg en jonge biggen bij zich had.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
350
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Nieste Meulen (Tongeren)   
Naam Locatie in Tekst
Sluizen   
Plaats van Handelen
Luikersteenweg (Tongeren)   
Jeker (rivier)   
Tongeren   
