Hoofdtekst
De scheper van Bloir had ene kne(ch)t en ze waren altijd goed meteen (= samen) kameraad. De scheper had een heel deel sjôap (= schapen) verkoch(t) en de vrouw moes(t) het geld halen gaan. Hij had de sjôap (= schapen) geleverd, en de vrouw ging dan met, en ze moes(t) het geld halen gaan. Toen ze(g)t de baas tegen de kne(ch)t: 'gang de vrouw tegen, want ze he(ef)t te veel geld op zak en ze he(ef)t bang.' En de kne(ch)t vertrok, en in Berg kwam ze van Tongeren af, en ze kwam hem tegen en toen ze(g)ter: 'Hebste (= hebt ge) veel geld?' -'Ja.' - 'De moes (= ge moet) het mich afgeven!' - 'Nein, ich geef het nie af!' - 'Ja, dan maak ich tich kapot, aste 't nie gifs!' (= als ge't niet geeft).' En he maakte de vrouw kapot, en toen ze(g)t ze, weiter haar aan 't kapotmaken was: ''t zal uitkomen al brengen het de kraaien uit!' en hier in Genoelselderen op de keugelbaan, doa waster aan 't keugelen, en doa komt e kud kraaien uit, wor! en die vliegen maar allemaal over hem. Hij wilde zjus werepen, en he werep(t) de kloot doa, en he ze(g)t: 'ich moet gon, ich moet gon, ich hem (= heb) bang! ich hem die vrouw kapotgemaak, ich gon mich aangeven; ze he(ef)t gezegd, de kraaien hebben uit(ge)bra(ch)t' Da's ech(t) waar gewees(t), de kraaien hebben het uit(ge)bra(ch)t! Doa staat ene steen.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
De schaapherder van Bloir had een knecht met wie hij goed overweg kon. Toen de schaapherder enkele schapen had verkocht, zond hij zijn vrouw naar de koper om het geld op te halen. Omdat de herder wist dat zijn vrouw bang was om overvallen te worden, zond hij de knecht weg om haar tegemoet te komen. Tussen Berg en Tongeren kwam de knecht de vrouw tegen en zei: "Je moet al het geld aan mij geven, anders vermoord ik je!" Omdat de vrouw weigerde, vermoordde de knecht haar. Vlak voor ze stierf, had de vrouw echter gezegd: "Deze moord zal ooit aan het licht komen, zelfs al moeten de kraaien het zeggen". Toen de knecht enige tijd later in Genoelselderen aan het kegelen was, kwam er plots een zwerm kraaien aangevlogen. Daarop riep de knecht verschrikt: "Ik moet gaan! Ik moet gaan, want ik ben bang! Ik ga mezelf aangeven, want ik heb de vrouw van de schaapherder vermoord!"
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (tongeren en omstreken)
1081
fabulaat
'Yvekruis' is een dialectische vervorming van 'Eva's kruis'.
Naam Overig in Tekst
Yvekruis   
Naam Locatie in Tekst
Membruggen   
Plaats van Handelen
Berg   
Bloir   
Genoelselderen   
Tongeren   
