Hoofdtekst
Dat was een kind dat betoverd was, en dat was ook door Leite Poes. Ze had errond gedraaid en gezeid: "Wat een schoon kind". ’t Had beginnen te schremen en ’t wilde niet meer ophouden. Ze gingen met dat kind naar de paters. De paters vroegen: "Wien is ’t er toe t’ulders geweest"? En ze zeien ’t dat ’t Leite Poes was. Ze overlazen het. Maar ’t is toch doodgegaan. ’t Had ne hele rode schreve op zijn borstje. ’t Was doorstekt van aan de naffel tot aan de kele.
Onderwerp
SINSAG 0531 - Peinhexe quält einen Menschen mit einer Puppe, in welche sie Nadeln steckt.
  
Beschrijving
Een kind was ziek geworden nadat een heks bij het kind in de buurt was geweest en had gezegd: "Wat een mooi kind!" Daarna was het kind onophoudelijk beginnen huilen. Het kind werd overlezen door de paters, die vroegen wie bij het kind in de buurt was geweest. Uiteindelijk is het kind toch gestorven. Het had een schram op zijn borst en was doorprikt met spelden van de navel tot de keel.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (houtland)
429
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Veldegem   
