Hoofdtekst
Als ’t vroeger spookte in Kaster, was ’t altijd op de kerkhofskouter in de linde. En ’t zat daar altijd ’n luchtje, en dat brandde altijd ’s nachts. ’t Was zuuste lijk dat de linde opbrandde. En ’t was pertank geen waar! Ge zag er ’s nuchtends nieten aan!! De mensen dorsten daar met geen middels passeren, want ’t luchtje koste op gij springen en ge was kapot!
Beschrijving
's Nachts zat in de lindeboom op het kerkhof van Kaster altijd een lichtje. Het lichtje brandde zodat het leek alsof de lindeboom in brand stond. 's Ochtends was aan de boom niets vreemds te zien. Niemand durfde voorbij die boom te wandelen, want de mensen geloofden dat het lichtje voorbijgangers kon doden.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
23
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kaster   
Plaats van Handelen
Kaster   
