Hoofdtekst
Het is te zot, het is te zot, aan zowat geloof ik NIKS! Ik moest alle dagen de melk opladen in As. Daar waren vier vrouwlie, twee waren er getrouwd en twee waren er nog daar en een broer en de vader. Hoe waren in die tijd de mensen gekleed? Redelijk sterk onder de voeten: nagelschoenen. Akkerdju, ik moest naar de winkel gaan en ik moest daar doorkomen en de vrouwlie, die zaten buiten aan de koeketel te stoken en ik die voet omhoog en Troe... over de sproten van de kar af en die vrouwliekens binnen, die laatste had ik achter met de kraag nog te scharrelen. Ge hadt mensen, die van alles bang waren, maar ik niet.
Beschrijving
Enkele vrouwen schrokken toen er een man voorbijkwam en de zool van zijn schoen liet zien.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
d
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Zutendaal   
