Hoofdtekst
Mijne vent vertelde dat dat lijk entwat was dat op hem viel. Dat was geweldig zwaar. Hij kwam zo mager. Hij gaat naar de Deken. Den die en zei wat dat hij moeste doen, en ton was ’t gedaan. Hij zette altijd zijn kloefen omgekeerd onder zijn bedde. Beesten kosten ook bereden zijn van de mare. Wieder hielden vroeger altijd een zwijntje. ’t Dei geweldig lelijk, en ’t werd altijd maar magerder. Dat was ook bereden van de mare.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Een man die door de maar werd bereden, had het gevoel dat er iets op hem viel. De man vermagerde enorm en ging te rade bij de deken. Toen de man op aanraden van de geestelijke zijn klompen altijd omgekeerd onder zijn bed zette, had hij geen last meer van de maar.
Dieren konden ook door de maar worden bereden. Een varkentje werd daardoor mager en lelijk.
Dieren konden ook door de maar worden bereden. Een varkentje werd daardoor mager en lelijk.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (houtland)
136
Echtgenoot van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Eernegem   
