Hoofdtekst
K. Er was iets van koeien... l. De koeien drinken koffieF. Ja, da zei ons peet, maar daar moest ik dan toch zelf mee lachen zenne, want daar dacht ik: "Dat kan niet hé". Dan zei ons peet 's morgens, die was dan veel eer op dan ik en Lies hé, en dan zei ze: "Och, 't heeft tenacht toch weer iets geweest hé, want ik hoorde zo'n rumoer in de keuken." Allé in de grote kamer, zeiden ze dan. "In de grote kamer hoorde ik zo'n rumoer, en ik sprong uit m'n bed, en lijk ik uit m'n bed sprong was 't gedaan," zei ze. "En toen, ik ging dan toch maar eens zien in de keuken ja," zei ze. "En ze hadden weer allemaal komen koffie drinken, de zjatten (koppen) stonden nog allemaal op 't tafel" zei ze. "Maar dan dacht ik... en als ik dan de staldeur opentrok, dan lagen ze weer allemaal rustig te slapen," zei ze, "al de koeien". Dat vond ik nu zelf zo.. haha.. zoiet hé... allé... niet aanneembaar hé. K. Ze bedoelde dat die koeien koffie waren komen drinken? F. Ja, die waren allemaal koffie komen drinken, dat was zo'n grote plaats, een grote keuken, hé, en de zjatten stonden allemaal op tafel. "Ja," zei ze, "en dan heb ik ze maar direct afgewassen en dan stonden ze proper op de moosbank hé, dat was vroeger, een moos zeiden ze daar vroeger tegen hé, nu zeggen ze een . . . , allé . . . een pompplaatske hé, maar toen was dat een moos.
Beschrijving
Een vrouw stond op een nacht op omdat ze kabaal in de keuken hoorde. Zodra de vrouw uit haar bed was, hoorde ze niets meer. In de keuken stonden lege koffiekoppen op det tafel. De vrouw geloofde dat de koeien koffie komen drinken waren. Ze waste de koppen af en ging in de stal kijken, waar de koeien weer rustig lagen te slapen.
Bron
K. Bruynseels, Leuven, 1991
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (nijlen)
1
Meter van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nijlen   

