Hoofdtekst
We waren were ne keer in d’herberge rond ten elven ’s navens en ’t komt daar nommettekeer een henne binnengevlogen, en da vliegt van den ene mens naar den anderen en ’t begoste te ambeteren, en ‘k zegge in mijn eigen, "’k ga ’t ne keer ne trek (stamp) geven" en ‘k geef het daar een pere, en met de slag lag het wuveke van de kafé van zijne stoel en ’t is van ton da’k geweten hè dat het entwodde koste.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Enkele mannen zaten 's avonds omstreeks elf uur in een herberg, toen er plots een hen naar binnen vloog. De hen vloog van de ene naar de andere, tot grote ergernis van het gezelschap. Een van de mannen gaf het dier een flinke schop. Precies op dat ogenblik viel de cafébazin van haar stoel. Op die manier is men te weten gekomen dat die cafébazin over bijzondere krachten beschikte.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (ieper)
258
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Mesen   
