Hoofdtekst
15 En van die heks, daar weet ge niks meer van, wat de ‘läöi’ daarvan vertelden?17 Nee. 15 Enfin, daar is toch genoeg over verschenen.17 Van heksen weet ik niks.I Zeiden de ‘läöi’ niet, ‘dèks’ als ze zo’n oud vrouwke zagen met zo’n lelijk gezicht en zwarte kleren: "Dat is een heks?"17 Ja. "Dat is een lelijke heks" [lacht]. Dat werd gezegd [lachend].I Maar ze meenden dat niet, ze zeiden dat zomaar?17 Ja, natuurlijk! Dat werd zo gezegd: "Ze is nog lelijker dan een heks."
Beschrijving
Als de mensen een lelijke oude vrouw met zwarte kleren zagen, dan zeiden ze vaak dat het een heks was.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
17B 320
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Millen   
