Hoofdtekst
Lotte Harteschene dat was een toveresse, de die koste (kon) van alles. Ze vonden ze een keer ’s nuchtens vroeg in ’t zwijnekot, met de zwijnejongen in haar schorte, dat was bij mijn Metje. Wiene (wat) doe je gij hier, zeien ze tegen haar, en ze zei zij dat ze dat zo gèren (graag) zag. Z’hebben daarvan geen een kunnen houden. Z’hadde zij die beesten betoverd. En weet je waar dat ze zij nog gewoond heeft, hier in de Victorlaan, over de wasserij.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een vrouw trof op een ochtend een heks in de varkensstal aan. De heks had de biggetjes op haar schoot en legde uit dat ze de diertjes zo lief vond. Men heeft geen enkele big kunnen houden omdat alle dieren betoverd waren.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (kamerlingsambacht)
181
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nieuwpoort Bad   
