Hoofdtekst
Beschrijving
De kasteelheer van Kasteelbrakel vloekte terwijl de processie voorbijkwam. Even later verzonk het kasteel in de grond. De overblijfselen van het kasteel liggen nog steeds onder de drie bergen in Kasteelbrakel. Op de eerste van die bergen heeft men een kruis geplaatst. Er was ook een put, waarover men vertelde dat het de schoorsteen van het kasteel was. Als men in die put een steen gooide, duurde het enkele seconden vooraleer men de steen hoorde vallen. Ooit heeft men in die put honden en katten aan een koord neergelaten om te achterhalen of de dieren daar beneden konden overleven. De dieren die werden bovengehaald, waren dood ofwel razend. De vloek van de pastoor die de processie had geleid, was dus nog steeds werkzaam.
Bron
M.-J. Deraemaeker, Leuven, 1977
Commentaar
4. Historische sagen
brabants (zuid-west)
171B
1945-1950
fabulaat
Naam Overig in Tekst
drie bergen (Kasteelbrakel)   
Naam Locatie in Tekst
Lembeek   
Plaats van Handelen
Kasteelbrakel   
