Hoofdtekst
Beschrijving
Een man van wie geld was gestolen, ging naar een heksenmeester in Brussel, aan wie hij honderd frank moest betalen om te weten te komen wie de dief was. De man had het er echter voor over. Het huis van de heksenmeester leek op een kapel, waarin veel heiligenbeelden stonden. De heksenmeester sprak: "Je kinderen zijn behekst door de kwade hand. Ik zal je een remedie geven om te weten wie de schuldige is, zodat je haar kan buitengooien". De man moest wat houtschaafsel in de kachel gooien en dan zou hij op het plafond zien wie de kwade hand over hem had gebracht.
Bron
M. Houtmeyers, Leuven, 1957
Commentaar
2.2 Tovenaars
brabants (diest en omstreken)
266
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Averbode   
Plaats van Handelen
Brussel   
