Hoofdtekst
Op ne keer kwam daar een licht door de dreef die voor het kasteeltje ligt. En ik kwam op de brug en toen stond het recht voor het venster, juist of de maan daar stond. Ik ging de brug over - ik had mijn klonken uitgedaan - en toen ik over de brug was en nog voor ik mijn klonken terug aanhad, was het weg. Aan de ander brug daar stond het toen en het was juist of daar ne lantaarnpaal stond met een licht aan. En toen ging het in het veld langs de dreef en daar begon het vurigewerk te maken, zo schoon als ik nog nooit gezien had. Een beetje verder begon het weer vurigewerk te maken en dat was of ne smid op een gleunig ijzer aan het slaan was. Toen schoten daar vuurpijlen uit, heel hoog de lucht in.
Beschrijving
Een man zag in de kasteeldreef een licht dat leek op het schijnsel van de maan. Toen de man over de brug ging, was het licht verplaatst naar de andere brug, zodat het leek alsof daar een lantarenpaal stond. Daarna bewoog het licht naar het veld, waar een prachtig vuurwerk te zien was.
Bron
A. Princen, Leuven, 1965
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
limburgs (tussen hasselt en beringen)
80
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Zolder   
