Hoofdtekst
‘k Heb ik nog m’n moeder horen vertellen van ook zo’n hekse die met spellen werkte. Haar broertje was vier jaar en een maand en ’t wierd ook azo betoverd. En die joengens (kinders) die azo betoverd waren, schrèmden (schreiden) totdat ze dood waren. En moeder’s moeder en bamoeie (= tante van moeder’s moeder) zagen daar een pateeltje (schaaltje) liggen. Zie je dt liggen, zei bamoeie, laat dat liggen. En dat was een pateeltje met spellen. En ’t is ’t er toch door gekomen ton (dan) , geloof ik.
Onderwerp
SINSAG 0531 - Peinhexe quält einen Menschen mit einer Puppe, in welche sie Nadeln steckt.
  
Beschrijving
Een jongetje huilde de hele tijd omdat hij behekst was. Gewoonlijk stierven dergelijke kinderen uiteindelijk. Op een dag vond een tante van het kind een schaaltje met spelden op de grond. De jongen is uiteindelijk toch genezen.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (kamerlingsambacht)
180
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Stene   
