Hoofdtekst
Mijn vader zaliger vertelde altijd: ze kwamen van Tongeren en aan het Witte Paard stond een koets. Die joeg (reed) altijd, maar ze bleef altijd staan (De koets bleef altijd voor 'Het Witte Paard' (herberg) staan en de voorbijgangers hadden de indruk dat ze toch zeer snel reed.) En toen hebben ze opzij moeten gaan en enen helen omweg maken door de hei. Dat waren geesten die geen rust hadden.
Onderwerp
SINSAG 0931 - Die Teufelskutsche.   
SINSAG 0472 - Begegnung mit Geisterkutsche.   
Beschrijving
Enkele mensen die te voet naar Tongeren gingen, zagen bij herberg 'Het Witte Paard' een koets staan. De koets bleef altijd voor die herberg stilstaan, terwijl de voorbijgangers de indruk hadden dat ze snel reed. Het waren geesten die geen rust hadden.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (bilzen)
558
Vader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
'Het Witte Paard' (herberg)   
herberg 'Het Witte Paard'   
Naam Locatie in Tekst
Mopertingen   
Plaats van Handelen
Tongeren   
