Hoofdtekst
Daar was ooch ne boer en die had ne knecht en die knecht die had ne band en als hij die bij zich had dan deed die wat hij wou maar ze hadden dat ondervonden en ze zeggen tegen een: 'Wij gaan die band opstoken.' En den hoven warm gestookt maar hij stond er wel bij wie ze hem er in gooiden. Maar hij was er van verlost.
Onderwerp
SINSAG 0524   
Beschrijving
Een boer had ontdekt dat zijn knecht een speciale halsband bezat. Op een dag stak de boer de oven aan om de halsband te verbranden. Op het ogenblik dat de band vuur vatte, stond de knecht echter naast de oven. Uiteindelijk was de knecht toch verlost.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (noord-west)
299
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Neerpelt   
